Rijdend over de Amerikalaan in Vroomshoop valt het imposante pand van Habraken Houtimport direct op. Wethouder Arjan Hof en bedrijfscontactfunctionaris Jacqueline Tuinbeek nemen er graag een kijkje achter de schermen. Ondernemer Frank Habraken ontvangt ons hartelijk; de geur van vers hout komt ons meteen tegemoet. In de hal zien we hoge, zorgvuldig gesorteerde stapels hout. Terwijl we verder lopen, vertelt Frank hoe zijn handelsonderneming is ontstaan.
Aan de koffietafel vertelt Habraken dat de geschiedenis van het bedrijf teruggaat tot 1895, toen zijn opa in Brabant begon met de houthandel. Later nam zijn vader het bedrijf over en vanaf de jaren tachtig stonden Frank en zijn broer Peter gezamenlijk aan het roer. Door gezondheidsredenen heeft Peter het bedrijf in 2012 moeten verlaten. “We importeren tropisch hardhout uit Azië”, legt hij uit. “Vroeger verzorgden we ook zelf de bewerking, maar tegenwoordig werken we daarvoor samen met Houtindustrie Gramsbergen.”
500 containers
Habraken Houtimport levert inmiddels aan circa 675 klanten in Nederland, België, Duitsland, Letland, Slovenië en Italië. Het grote pand is volgens Frank Habraken simpelweg nodig om voldoende voorraad te kunnen houden. Het hout komt per schip in Rotterdam binnen en gaat daarna door naar Vroomshoop. Jaarlijks verwerkt het bedrijf zo’n 500 containers. Frank vertelt enthousiast dat hout aan veel eisen moet voldoen, maar vooral het duurzame karakter spreekt hem aan: “Het mooie is dat je het steeds opnieuw kunt gebruiken.”
Beide benen op de grond
Wethouder Arjan Hof spreekt tijdens het bezoek zijn waardering uit voor het bedrijf. “Het is bijzonder dat een familiebedrijf is uitgegroeid tot een van de grote en toonaangevende houtimporteurs, zowel nationaal als internationaal.” De ondernemer blijft er zelf nuchter onder. “Ik doe gewoon mijn werk”, zegt hij bescheiden. Goede samenwerking met leveranciers en klanten vindt hij het allerbelangrijkst. “Met beide benen op de grond blijven staan, maar wel altijd kijken waar je kunt verbeteren, dat is mijn visie.”



